De inspectiedienst daalt af

Eindelijk wordt het toegegeven. De Inspectie voor de gezondheidszorg geeft het ontbreken van (praktijk) kennis bij de inspectie toe. In de volgende situatie betreft dit het toezicht op de zorgverlening m.n. rond de WMO. Genoemde inspectie gaat gebruikmaken van de ervaringsdeskundigheid van zorgontvangers en van mantelzorgers om beter te kijken naar de zorgbehoefte van de cliënten.  Het is de bedoeling dat de zogenaamde lekeninspecteurs met de ‘professionele’ inspecteurs de zorginstellingen en hulpverleners gaan bezoeken.

Andere maatregelen, aanvullend op de taak van de inspecties (of desondanks) is gewenste nieuw wetgeving. Denk aan de wet Kwaliteit, Klachten en Geschillen in de zorg (Wkkgz). Maar ook het gebruik van mystery guests, zoals bij de controle van het schenken en verkopen van alcohol aan de jeugd. Naast meld- en signaalpunten van situaties die in de ogen van de melder niet goed gaan, centra voor jeugd en gezin, WMO-consulenten, huisartsen, wijkverplegers en leraren die een signaalfunctie hebben. Dit is overigens een beperkte opsomming van zorg- en hulpverleners, die een stukje (extra) werkgelegenheid en inkomen hebben gevonden binnen het zorgwereldje.

Heb je er al beeld bij. Een inspecteur, die samen met de buurvrouw van iemand (lekeninspecteur) in een ziekenhuis aankondigt dat ze de zorg- en hulpverlening komen inspecteren. Niet om een bloemetje te brengen, maar voor controle op de uitvoering. Zie je voor je wat er bij de receptie van dit ziekenhuis gaat gebeuren? In deze zorginstelling, waar tegenstellingen in de uitvoering steeds meer negatieve gevolgen hebben voor de handen aan het bed. Daar zitten ze niet te wachten op deze aanvullende maatregel.

Zo kun je zelf wel een aantal situaties bedenken, zoals de zorgverlening in een huisartsenpost.
Er zijn allerlei (vormen van) inspecties met vele managers en werknemers in de uitvoeringsorganisatie. Goed voor de werkgelegenheid, dát wel. Maar of je er nou alle doelstellingen, die aan die instanties zijn gehangen behaalt, blijft voorlopig de vraag. En of je nu je doelen wilt bereiken door de inspecties aan te vullen met surrogaatinspecteurs?

Wel lijkt het mij te passen in de golfbeweging van de zorgverlening. Eerst alles op het gebied van zorg, jeugd en werk over de schutting van de gemeenten gooien. Vervolgens er een paar jaar over doen om vast te stellen dat je een groot deel van de bezuinigingsdoelstelling hebt behaald. En dan er langzaam naar toewerken dat alles weer centraal geregeld moet gaan worden (lees door het rijk).
Ingezet doel bereikt. Met dank aan de ‘lekeninspecteurs’ die dit mede hebben veroorzaakt.

Misschien toch een lichtpuntje. De inspectiedienst gaat ook kijken naar de bureaucratie en administratieve taken van de zorgverleners. Alleen heb je daarvoor als inspectiedienst voor de gezondheidszorg toch geen buitenstaanders nodig.
Doe gewoon je werk en daal eens af naar de werkvloer, naar al die door de zorgontvangers / cliënten gerespecteerde hulpverleners.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *